Welke onderzoeksvaardigheden leren je leerlingen?
Je leerlingen leren onderzoeksvaardigheden als observeren, meten, bronnen gebruiken en oordelen. Een onderzoek doen is namelijk veel meer dan informatie opzoeken. SLO noemt vier onderzoeksvaardigheden die leerlingen tijdens een onderzoek inzetten:
- observeren en meten;
- denkwijzen hanteren;
- bronnen, materialen en gereedschap gebruiken;
- reflecteren, waarderen en oordelen.
Die vaardigheden komen op verschillende momenten in het onderzoek terug. Leerlingen ontwikkelen ze stap voor stap, terwijl ze een vraag onderzoeken. Wat onderzoekend leren is en waarom het werkt, lees je bij Wat is onderzoekend leren?
Zo leren leerlingen stap voor stap onderzoeken
SLO beschrijft onderzoekend leren als een cyclus van zeven stappen. Voor beginnende onderzoekers biedt dat houvast. Per stap beschrijft SLO hoe leerlingen groeien, van een eerste verkenning naar steeds doelgerichter onderzoek.
1. Confronteren met object, verschijnsel of situatie
Een onderzoek begint bij iets wat opvalt. Leerlingen bekijken een voorwerp, een verschijnsel of een situatie en zeggen hardop wat ze zien. Beginnende onderzoekers zien vooral verschillen en ontdekken met al hun zintuigen. Ervaren onderzoekers kijken bewuster en met oog voor details. Ze stellen vragen om een probleem helder te krijgen.
2. Verkennen en vragen formuleren
Vanuit hun waarnemingen bedenken leerlingen wat ze willen weten. Eerst verwoorden ze wat ze zien als "als ..., dan ...". Later voorspellen ze wat er gebeurt als er iets verandert en formuleren ze op basis daarvan een onderzoeksvraag. Daarvoor hebben ze wel kennis over het onderwerp nodig. Waarom dat zo is, lees je bij Wat is onderzoekend leren?. Het helpt om samen een paar vragen te beoordelen: welke kun je echt onderzoeken? Met het vragenmachientje bedenken leerlingen betekenisvolle onderzoeksvragen.
3. Onderzoek opzetten en bronnen, materialen en instrumenten verzamelen
Beginnende onderzoekers starten vaak zonder plan. Gaandeweg leren ze een manier van onderzoeken te kiezen die past bij hun vraag. Eerst maken ze met jouw aanwijzingen een werkplan, later stellen ze samen met andere leerlingen een onderzoeksplan op.
4. Onderzoek uitvoeren en resultaten verwerken
Dan gaan leerlingen aan de slag. Beginnende onderzoekers werken nog vooral op gevoel. Ervaren onderzoekers houden een vaste volgorde aan, noteren hun waarnemingen in een logboek en gebruiken verschillende bronnen. Ze ordenen hun gegevens en beschrijven wat ze hebben gevonden.
5. Conclusie(s) trekken en verslag leggen
Wat betekenen de resultaten? Leerlingen leggen verbanden tussen wat ze hebben gevonden en hun onderzoeksvraag. Eerst brengen ze resultaten die bij elkaar passen met elkaar in verband, later redeneren ze over oorzaak en gevolg. Uiteindelijk trekken ze conclusies en controleren ze of hun informatie betrouwbaar is.
6. Onderzoek presenteren
Leerlingen laten zien wat ze hebben ontdekt. Eerst vertellen ze in hun eigen woorden wat ze hebben waargenomen. Later verwerken ze hun vraag, aanpak en uitkomsten in een presentatie, een werkstuk of een verslag. Laat je leerlingen zelf de vorm bepalen, dan kiezen ze wat bij hen past.
7. Verdiepen en verbreden
Een onderzoek levert vaak nieuwe vragen op. Leerlingen herkennen vergelijkbare situaties en kijken of hun conclusies daar ook gelden. Ervaren onderzoekers stellen vragen die tot een vervolgonderzoek kunnen leiden.
Onderzoeksvaardigheden van groep 1 tot en met 8
Al in groep 1 kunnen leerlingen spelenderwijs en vanuit hun eigen belevingswereld leren onderzoeken. Wil een leerling weten hoe groot het schoolplein is? Dan telt de leerling hoeveel stappen er nodig zijn om het over te steken. Hoeveel zand past er in een emmer? Dan telt de leerling de schepjes. Zo maken jonge leerlingen al kennis met een onderzoeksvraag, een verwachting en het uitvoeren van een onderzoek.
Na groep 1 en 2 worden de vragen complexer. In de lagere groepen kun je beginnen met een kort, gestuurd onderzoek, bijvoorbeeld een klassikale demonstratie waarbij je samen een onderzoeksvraag opstelt en het antwoord formuleert. In de hogere groepen stellen leerlingen in groepjes een eigen onderzoeksvraag op en voeren ze zelfstandig een klein onderzoek uit.
Leerlingen doorlopen de stappen steeds zelfstandiger, tot ze met alleen een instructie een eigen onderzoek kunnen uitvoeren. Hoeveel begeleiding je daarbij geeft, lees je bij Wat is onderzoekend leren?.
Hoe help je leerlingen op weg?
Leerlingen leren onderzoeken niet vanzelf. Met duidelijke kaders, keuzes en hulpmiddelen geef je ze houvast:
- Stel kaders. Bepaal het onderwerp of de categorie en welke vormen er zijn om het onderzoek te presenteren.
- Bied keuzes binnen die kaders. Laat leerlingen bijvoorbeeld kiezen of ze alleen of samen werken en hoe ze presenteren.
- Geef hulpmiddelen. Een stappenplan of hulpblad laat leerlingen stap voor stap zien hoe ze een onderzoek of presentatie aanpakken.
- Doe het een keer voor. Laat met een onderwerp waar je zelf veel van weet in korte stappen zien hoe jij een presentatie zou maken. Hoe je dat doet, lees je bij Verbeter begrijpend lezen in de klas door effectief te modelen.
In de klas bij Chantal
Chantal van Schaik geeft op OBS de Horizon les aan een unit met groep 5 tot en met 8. Haar leerlingen leren over de prehistorie en doen ter verdieping onderzoek naar een dinosauriër. Chantal beperkt het onderwerp, maar binnen die kaders kiezen leerlingen zelf, bijvoorbeeld of ze alleen of in een duo werken en hoe ze hun onderzoek presenteren. Voordat ze beginnen, legt ze hulpbladen klaar. Leerlingen die moeite hebben met kiezen, helpt ze met een poster vol dinosauriërs op de themamuur. "Als je die basis hebt gelegd, komen de kinderen spelenderwijs wel verder."
Onderzoeksvaardigheden in de methodes van Faqta
In onze methodes voor wereldoriëntatie komen onderzoeksvaardigheden in ieder thema terug.
In Faqta Wereld oefenen leerlingen onderzoeksvaardigheden met een deel van de opdrachten in het doeboek. In de Zelf onderzoeken-tegel leren ze met video's hoe je een goede onderzoeksvraag opstelt. Met de talentthema's doen ze in drie korte tegels eerst kennis op en gaan ze daarna aan de slag met een eigen onderzoeksvraag. Voor jou staan op het leerplatform een stappenplan, hulpbladen en een projectboek klaar om je leerlingen te begeleiden.
In Faqta InZicht is onderzoek een vast onderdeel van ieder thema. Na het opbouwen en verdiepen van kennis beantwoorden leerlingen in deel 4 een vraagstuk of doen ze een kort onderzoek. Jij begeleidt dat van begin tot eind. Het past binnen twee lessen in één week. De leerlijn begint in groep 4/5 en bouwt stap voor stap op volgens de zeven stappen van SLO.
Hoe je onderzoekend leren met onze lesmethodes in de klas inzet, lees je bij Onderzoekend leren met de lesmethodes van Faqta.
Verder lezen over onderzoekend leren
Onze artikelen

PISA 2025: Het leesprobleem is groter dan de school, en dat is ook een opluchting

Onderzoek: Hoe motiveer je leerlingen voor abstracte lesstof?


